Een verhoogde CDT-waarde hangt meestal samen met structureel hoog alcoholgebruik, maar niet altijd. Een aantal factoren kan de %CDT beïnvloeden zonder dat er sprake is van zwaar drinken. Daarom kijkt een lab nooit naar CDT alleen, maar naar een set markers samen.
Hieronder leest u welke oorzaken een afwijkende waarde kunnen verklaren en waarom context belangrijk is.
Welke oorzaken kunnen een CDT-waarde verhogen?
Naast alcohol kunnen enkele aandoeningen en omstandigheden de %CDT beïnvloeden. Ze zijn relatief zeldzaam, maar relevant bij de interpretatie.
- Zeldzame aangeboren afwijkingen in de suikerketens van eiwitten (CDG-varianten).
- Ernstige leveraandoeningen die het transferrinepatroon verstoren.
- Een recente bloedtransfusie die de meting kan beïnvloeden.
Omdat één marker zelden het hele verhaal vertelt, combineert een lab CDT met gamma-GT en MCV. Welke markers het CBR meeneemt, leest u in CDT-waarde en rijbewijs.
Waarom een gekwantificeerde labwaarde helpt
Een gekwantificeerde %CDT met referentiebereik is beter te plaatsen dan een vage streep van een thuistest. De waarde laat zien hoe ver u van de grens af zit, en kan in de tijd worden gevolgd. Wilt u uw CDT-waarde laten bepalen, dan kan een CDT-test voor alcohol dat voor u doen. Wat een afwijkende waarde voor u persoonlijk betekent, bespreekt u het beste met een arts.
Elk bloedtestresultaat bij Zuivertest bevat een professionele beoordeling door een BIG-geregistreerde arts. Bespreek voor behandelbeslissingen uw resultaten met uw huisarts.
Auteur